… Over bewakers die hulp zoeken

Crowdsourcing

Zoals we ondertussen al weten: technologie kan een hele hoop vergemakkelijken. Dat geldt ook voor de journalistiek. Daar hebben ze trouwens een geleerde term voor: computational journalism. Hamilton and Turner (2009) definiëren het als volgt: “Computational journalism aims to enable reporters to explore increasingly large amounts of structured and unstructured information.” Flew et al. (2012) maken duidelijk dat het niet gewoon gaat om het gebruik van computers om al bestaande werktuigen te vervangen, zoals bijvoorbeeld de typemachine. Computational journalism draait om vernieuwingen die computertechnologie aanbrengt binnen het journalistieke veld, zoals informatie zoeken en data filteren op een voordien ongeziene manier. Een van de opportuniteiten: een collaboratie tussen journalisten, burgerjournalisten en het publiek op een heel nieuwe schaal. Het internet heeft ervoor gezorgd dat het publiek nu kan terugcommuniceren naar de media. Maar het gaat verder dan enkel communiceren. Het internet heeft de mogelijkheid gecreëerd om lezers op een immense schaal te laten meewerken aan projecten. De geleerde naam voor dit fenomeen? Crowdsourcing.

Om crowdsourcing even te verduidelijk, ga ik weer op bezoek bij mijn dikke vriend. Van Dale zegt: crowdsourcing is “een vorm van productverbetering waarbij producenten de kennis en vaardigheden van hun klanten gebruiken om hun producten of diensten te verbeteren”. Flew et al (2009) hebben een omschrijving die meer gericht is op journalistiek:

“Crowdsourcing, wherein groups of people work collaboratively via the internet on a single news item or part thereof, means that many people can spend a few mintures on low-level research that might take one person days to complete.”

In het Nederlands: crowdsourcing maakt gebruik van het publiek om artikels tot stand te brengen. Het voordeel is dat er plots meer handen zijn om werk te leveren en een taak die één journalist dagen of zelf weken bezig zou houden, nu snel kan worden afgehandeld. Het is een recent verschijnsel, maar verschillende media springen zeer enthousiast op de kar. Van vragen voor foto’s of getuigenissen, naar lezers actief aan het onderzoeken zetten; het kan een journalist maar helpen.

Een koploper in de  journalistieke crowdsourcing vinden we aan de andere kant van het Kanaal. Op 18 juni 2009 verscheen dit bericht op de site van The Guardian; erin een ongewone oproep: “We want you to help us analyse [thousands of MPs’ reciepts] and find the great stories buried within the photocopied handwritten receipts.” Wat volgde was een ongeziene samenwerking tussen krant en lezerspubliek. Maar eerst misschien wat context. In mei 2009 komen een aantal ongeoorloofde declaraties van verscheidene Britse parlementsleden (MP’s) aan het licht. The Daily Telegraph kaapt de scoop en publiceert de declaraties in afleveringen. Het gevolg: een waar politiek schandaal en verschillende leden die hun ontslag moeten aanbieden. Om de situatie onder controle te krijgen, besluit het Britse parlement om transparant te werk te gaan: ze publiceren 18 juni alle uitgaven die door MP’s waren aangegeven tussen 2004 en 2008, mits het uitwissen van persoonlijke details. In totaal gaat het over 700 000 documenten. The Guardian moet nu snel denken; the Daily Telegraph is al weken data aan het analyseren, maar zij kunnen nu pas beginnen. Even lijkt het onbegonnen werk, maar Simon Willison, toen een programmeur en ontwikkelaar bij the Guardian, kwam op de proppen met een ingenieus idee: zet die miljoenen lezers toch gewoon aan het werk. Hij knutselde een programma ineen waardoor het publiek de documenten kon bekijken en analyses kon uploaden naar de journalisten van de krant. Die zouden dan alle verdachte of opmerkelijke aantekeningen bekijken en er artikels rond opbouwen.

Het speciale aan het crowdsourcingexperiment van the Guardian? Zij waren de enigen op dat moment. Geen enkel ander medium kon of wou de studie repliceren. Het unicum was een boost voor de reputatie van the Guardian. Daarnaast zou het ook nog eens belachelijk goedkoop geweest zijn: het programma werd op een week geschreven, de tijdelijke servers kostten 50 pond en de 20,000 participerende lezers deden dat volledig gratis. Het publiek was razend enthousiast: in de eerste 80 uur werden zowat 170 000 documenten geanalyseerd. Toch ondervonden de journalisten van the Guardian ook hinder. Het project was handig om specifieke verhalen te vinden, maar om data te verzamelen bleek het minder handig. Daaruit trokken de medewerkers van de krant hun conclusie: bij de volgende crowdsourcing projecten vroegen ze specifiek naar interessante inhoud.

Verdere samenwerking met het lezerspubliek is er zeker gekomen. Toen de Amerikaanse staat Alaska in de zomer van 2011 bijna 25 000 pagina’s gevuld met Sarah Palin’s emails vrijgeven, deed the Guardian opnieuw een oproep aan haar lezers. Momenteel heeft the Guardian zelfs een permanent platform voor crowdsourcing: The Guardian Witness. Hierop verschijnen ‘opdrachten’, waar redacteurs vragen naar bepaalde inhoud, bijvoorbeeld foto’s of meningen van lezers. The Guardian vraagt soms ook achter uitgeschreven verhalen, die dan worden gedeeld via een blog. Het project is echter geen eenrichtingsstraat: het publiek wordt ook uitgenodigd om zelf verhalen of tips door te sturen waar de journalisten niet specifiek hebben achter gevraagd. Volgens James Ball, een medewerker bij the Guardian, is het vooral belangrijk dat lezers geïnteresseerd zijn in de onderwerpen. Enkel dan zullen ze tijd willen investeren in het zoeken naar of analyseren van informatie. Daardoor helpt het ook om de projecten soms een spelachtige kant te geven, zodat het voor lezers leuk wordt om te helpen.

De computer en het internet hebben de journalistiek een gouden opportuniteit gekregen: interactie met hun publiek. Door lezers aan het werk te zetten, slaagt the Guardian erin hun werklast te verkleinen en tegelijkertijd hun lezers het idee te geven dat zij belangrijk zijn in het journalistieke proces. Verdeel en heers. Toch is het nodig om het gegeven paard even in de bek te kijken. Crowdsourcing is handig, maar moet goed gereguleerd worden. Redacteurs kunnen niet zeker zijn dat het werk van elke lezer kwaliteitsvol is. Een oplossing daarvoor is meerdere mensen aan hetzelfde document te laten werken. En journalisten moeten een kritische houding behouden. Zomaar stukken overnemen van lezers, zonder extra controle en analyse, is niet verantwoord, zelfs niet als de tijdsdruk torenhoog is.

Bronnen

Bouchart. M. (2012) . Crowdsourcing Data at the Guardian Datablog. In J. Gray, L. Bounegru & L. Chambers (Eds.), The Data Journalism Handbook (137 – 142). Sebastopol, CA: O’Reilly Media, Inc.

Flew, T. et al. (2012). The Promise of Cumputational Journalism. Journalism Practice, 6(2), 157 – 171.

Hamilton, J.T. and Turner, F. (2009). Accountability Through Algorithm: Developing teh field of computational journalism. Verslag van Center for Advanced Study in the Behavioural Sciences.

Rogers, S. (2013). Facts Are Sacred. London: Faber & Faber.

MP’s expenses: The Guardian launches major crowdsourcing experiment. (2009, Juni 23). The Guardian.

https://witness.theguardian.com/moreabout

Advertenties

3 gedachtes over “… Over bewakers die hulp zoeken

  1. Hey Camille,

    Interessante blogpost! De titel intrigeerde me en deed me erop klikken. Het is ook handig dat je in je betoog stap voor stap overgaat naar het volgende (deel van) het thema.
    Ik denk dat het misschien nog vlotter te lezen zou zijn als er wat afwisseling was in de lay-out, bijvoorbeeld met wat tussentiteltjes, afbeeldingen of apart gezette citaten.

    Vele groetjes,
    Roxane

    PS bedankt om mijn blog te linken in één van je andere blogposts 🙂

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s